Het aantal mensen dat wordt toegelaten tot de wettelijke schuldsanering daalt al jaren. De instroom bereikte in 2020 een historisch dieptepunt. De precieze oorzaak van de daling is moeilijk aan te wijzen, maar deskundigen maken zich wel zorgen. De omvang van de schuldenproblematiek is immers de afgelopen jaren niet gekrompen.

Nog nooit zo weinig
Sinds de invoering van de Wet schuldsaneringen natuurlijke personen (Wsnp) werden er nog nooit zo weinig mensen toegelaten tot de wettelijke schuldsanering als in 2020. De oorzaak lijkt voor een deel te liggen in de verbetering van het minnelijke traject, een lichter instrument om mensen met problematische schulden te helpen. Maar dat kan de enorme daling van het aantal mensen in de Wsnp niet volledig verklaren, zegt onder andere lector Schulden en incasso Nadja Jungmann van de Hogeschool Utrecht.

Zwaarste instrument
In 2020 werden een kleine drieduizend mensen toegelaten tot de wettelijke schuldsanering, meldde het CBS (Centraal Bureau voor de Statistiek) onlangs. Een jaar eerder was dat aantal nog ruim de helft hoger. Sinds 2011, toen het nog om bijna 15 duizend mensen ging, is het aantal elk jaar gedaald. Het wettelijke schuldsaneringstraject, waarvoor de rechter toestemming moet verlenen, is het zwaarste instrument dat schuldhulpverleners kunnen inzetten om mensen met grote schulden te helpen om een nieuwe start te maken. Alleen als het minnelijke traject, waarbij de schuldenaar en schuldeisers samen een regeling treffen, geen uitkomst biedt, wordt de Wsnp ingezet.

Niet minder schulden
Hoe zijn de cijfers te verklaren? Dat de daling samenhangt met een krimpend aantal mensen met schulden, is helaas wishful thinking, stelt schuldenexpert Nadja Jungmann. ‘We weten dat de schuldenproblematiek in de jaren voor corona niet afnam, ondanks dat het economisch goed ging.’ De coronacrisis zelf leidt ook eerder tot meer dan minder schulden. Jungmann houdt het wel voor mogelijk dat er sinds de invoering van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs) in 2012 meer mensen in minnelijke trajecten worden geholpen, waardoor er wellicht minder beroep op de Wsnp nodig is.

Iets effectiever
Jungmann: ‘De afgelopen jaren zijn er steeds meer convenanten met grote schuldeisers afgesloten. Ook is een aantal grote overheidsinstellingen, een belangrijk deel van de schuldeisers, socialer geworden. Daar zit wel een positieve ontwikkeling. Mijn beeld is dat de gemeentelijke schuldhulpverlening iets effectiever is geworden, maar dat verklaart niet de enorme terugval in de Wsnp. Dus het is zeker een punt van zorg.’

Preventietrajecten
Marco Florijn, voorzitter van de NVVK, de vereniging voor schuldhulpverleners, ziet ook dat steeds meer mensen geholpen zijn met lichtere vormen van hulp. Daarbij gaat het niet alleen om minnelijke schuldregelingen, maar ook om preventieve maatregelen zoals tijdelijk budgetbeheer. ‘We zien een verhoging van het aantal preventietrajecten, waardoor je minder instroom in de minnelijke trajecten hebt en daarom ook minder doorverwijzingen naar de Wsnp’, aldus Florijn.

Samenwerking
Maar ook Florijn gelooft niet dat dat een volledige verklaring voor het historische dieptepunt in de Wsnp kan zijn. ‘We zien dat er knelpunten zijn bij het doorverwijzen naar de Wsnp. We vinden dat het minnelijke en het wettelijke traject beter op elkaar aangesloten zouden moeten zijn. Daarom hebben we samen met het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid een project opgezet om de samenwerking tussen die twee systemen te verbeteren.’

Ondernemers
Nadja Jungmann oppert dat de daling ook iets te maken kan hebben met een veranderende houding tegenover ondernemers met schulden. ‘Toen de Wsnp in werking trad, was een kwart van de groep die ervan gebruikmaakte zelfstandig ondernemer’, zegt Jungmann. ‘Nu komen die nauwelijks meer in de Wsnp terecht.’

Bezuinigingen
Volgens schuldhulpverlener Jacqueline Zuidweg, die zich specialiseert in het ondersteunen van ondernemers met schulden, is het niet zo dat rechters strenger zijn geworden in het toelaten van ondernemers of ex-ondernemers in de wettelijke schuldsanering. Wel ziet ze dat gemeenten vanaf 2012 minder aandacht hebben voor ondernemers met schulden. In crisisjaren 2008, 2009 en 2010 werden juist wel veel ondernemers doorgestuurd naar de Wsnp. Zuidweg: ‘Na de bezuinigingen in 2011 hebben veel gemeenten de rem op de schuldhulpverlening gezet. Ondernemers kwamen toen vaak niet eens in het minnelijk traject terecht, laat staan het wettelijk traject.’

Zorgen
Waar de drie experts het over eens zijn, is dat de coronacrisis de schuldenproblematiek zal vergroten. En dan is het des te belangrijker dat de Wsnp beschikbaar is voor wie het nodig heeft. Jungmann maakt zich daarom zorgen over de toekomst: ‘Steeds meer Wsnp-bewindvoerders stoppen, want er is niet genoeg werk. Tegelijkertijd krijgen we, door de combinatie van de coronacrisis en de impact van sterkere vroegsignalering, een stijging van het aantal hulpvragen. Dan is de vraag: hebben we over een paar jaar nog wel genoeg Wsnp-bewindvoerders?’

Bron: https://www.binnenlandsbestuur.nl/

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Fill out this field
Fill out this field
Geef een geldig e-mailadres op.
Je moet de voorwaarden accepteren voordat je het bericht kunt verzenden.

Menu